WERFNIEUWS 42
Najaar 2007
Met Rombout, mijn hulpje op de werf (nog maar 13 jaar oud), heb ik de Dorestad Raid weer meegedaan. Een 4 daagse tocht voor kleine open boten zonder gebruik te maken van een motor.
De
eerste dag op de IJssel met stroom mee kruisend.
Een heel leuk evenement met dit keer wel 25 boten, georganiseerd door de Stichting Natuurlijk Varen. Met de “Eliane“op de trailer naar Deventer, daar te watergelaten en de volgende dag de Gelderse IJssel af. Makkelijk natuurlijk met de stroom mee, maar de competitie is zo groot dat onder het zeilen meegeroeid werd. Er waren boten speciaal voor deze Raid gebouwd, zoals die van Anton. Vorig jaar deed die mee met een 12 voets jol; nu met een grotere boot die hij zelf hier op de werf heeft gebouwd. Veel extreem lichte boten waren er die vooral uitblinken bij het roeien. Prachtig varen op de IJssel! Gelukkig niet veel scheepvaart want af en toe waaierden de boten over de hele rivierbreedte uit om de beste positie te hebben. Bij Zwolle de eerste brug waar we voor moesten strijken. Hans Vandersmissen, een van de organisatoren, had al gezegd dat de stroom sterker was dan anders, wat tot gevolg heeft dat de bruggen sneller op je afkomen en dat je dus op tijd moet strijken. Dat deden we ook wel maar na de brug ging het een en ander helemaal mis; de piekeval bleef haken bij het overeind zetten van de mast en we trokken die bijna uit het blok. De fok rolde uit en raakte in de war met de schoten. In de krachtige wind verzeilden we naar lagerwal. Tussen de kribben konden we de boel weer redderen en de val met de vaarboom te pakken krijgen. Met een kleine boot is het ook niet zo’n probleem om even aan de grond te zitten; met een paar duwen van de vaarboom konden we weer verder zeilen. Het was moeilijk opkruisen tegen de krachtige wind in, maar met een rif in het zeil was alles weer onder controle.
Het reven gaat bij mijn sloepjes heel gemakkelijk door het zeil op te rollen om de giek, het enige dat je hoeft te doen is aan een slinger te draaien. Andere boten hadden het daar moeilijker mee en een boot sloeg zelfs om. Er deden ook Engelsen mee met een whaler die heel snel zeilde tot de gaffel brak. En later ook nog het roer. Met een riem konden ze ook nog sturen, maar kennelijk niet zo goed want de volgende dag liepen ze op het Ganzendiep helemaal uit het roer en schoven tot midscheeps op een dijk. Het was spannend om voor de wind met een heel stel snelle boten tegelijk bij een brug te komen. Toen die openging zeilden we er met 6 boten vrijwel tegelijk doorheen. Roeiend bij tegenwind in smalle sloten en zeilend over de plassen kwamen we op de Beulakerweide, waar we weer verzamelden om het moederschip waar we ook sliepen. Met niet al te veel wind zeilden we de volgende ochtend een soort slalom wedstrijd rond uitgelegde boeien een heel korte baan die we 4 x moesten ronden en dan achteruit zeilend finishen.
Samen
aan de riemen op een stukje tegen de wind in.
Achter
elkaar door de smalle sloten.
De
tewaterlating van Rombout’s creatie.

De
start van de smacks tijdensde East Coast Race.
De
Otter wordt voor een grote beurt op de wal gezet.
Nieuwe
kleuren in de stijl van de East Coast.
De
vloot van meer dan 100 klassieke schepen ligt verzameld in de haven van
Hellevoetsluis.Met de Pagan op weg na een dag uitstel vanwege storm. Nog net op tijd om mee te doen met een wedstrijd van Willemstad naar Hellevoet. Met 80 schepen tegelijk van start, heel druk op de startlijn. De Pagan lekte een beetje dus ik heb haar maar een beetje ontzien door een wedstrijd met veel wind over te slaan. Maar meegezeild op de “Hooker” van naamgenoot Rik. Geweldige ervaring! Na Hellevoetsluis hadden we nog zo’n 2 weken: elke dag gevaren; vaak (te) veel wind. Ik noem de overnachtingplaatsen: Hellevoetsluis, Biesbos, Loevestein, Grebbenberg, Zutphen, Kampen, Workum, Drooggevallen bij Ameland, Nes, drooggevallen bij Midsland, West Terschelling, Kornwerderzand, Galamadammen, Edam, Loenen, Haastrecht, Reeuwijk. De Pagan lekte nog steeds en ik had bedacht om bij Ameland droog te vallen om daar wat aan te repareren. Met veel wind kwamen we helemaal van Workum af zeilen en ankerden op niet zo’n handig plekje. We bleken midden op een Oesterbank te staan met hele grote harde schelpen maar ik kon de lekke naad toch vinden en dichtmaken. De wind nam ’s nachts alleen maar toe; eerst wat golfjes tegen de onderkant, maar toen de vloed doorzette tegen de harde wind in werd het een spektakel. De oude dame Pagan werd opgelicht en viel weer terug op de harde bodem. Wat ging dat te keer! We waren al bang dat het ene gerepareerde plekje nooit kon opwegen tegen alle nieuwe lekkages die zouden ontstaan door het gebonk. Alleen af en toe verlicht door de vuurtoren zag het er spookachtig uit met witte brekers om ons heen. Toen het water hoger werd na een uurtje stampen, begon het rukken aan de ankerketting. In het donker kon ik nog niet gaan varen; pas toen het licht begon te worden konden we na een slapeloze nacht de haven van Nes binnenlopen. De volgende dag naar Terschelling. In het Oosterom kwamen we Anton met Rombout en Isolde tegen in hun nieuwe boot op proeftocht. We vielen samen droog onder Midsland en de volgende ochtend naar West Terschelling. Weer veel wind: weerbericht gaf Noord Beaufort 6 met vlagen 7 maar na een dag hadden we Terschelling wel weer gezien en we voeren samen terug naar Kornwerderzand. Twee reven erin en dat was niets teveel. Onverwacht veel golven op het laatste stuk want daar liep de vloedstroom schuin tegen de wind in; grote golven. Anton's boot was van tijd tot tijd achter de golven, alleen een stukje mast was zichtbaar. Maar ze deden het geweldig; proeftocht geslaagd! Achter de sluis pannenkoeken gebakken; heel gezellig na zo’n ruige tocht. Op de terugtocht toch nog even door Friesland gezeild. Wat is het daar druk geworden; bij de sluis in Stavoren moesten we wel 2 uur wachten op onze beurt. Met het restant Noordenwind doorgezeild naar Edam, waar we in het donker aankwamen, goed dat we even doorgevaren waren want de volgende morgen was de wind zuidelijk geworden en moesten we opkruisen naar Muiden. Mast gestreken bij de verkeersbrug en verder door als motorboot door de Vecht via Utrecht en door de Hollandse IJssel langs IJsselstein, Montfoort, Oudewater en Haastrecht door naar Gouda en tenslotte naar Reeuwijk. Een prachtige tocht, met steeds gunstige wind die met ons meedraaide; zo kom je nog eens ergens.
Nou, ik ben al door mijn 4 blaadjes heen, dus moet ik stoppen met scheepsverhalen. Wel wil ik nog even vertellen dat ik weer een order voor een zeilsloep heb, dus van de winter weer genoeg werk.
Verder heb ik nu te koop: 1) een motorsloep met elektromotor, die ik in 1999 heb gebouwd en ook nog een mahoniehouten vlet met dieselmotor. Allebei prachtige boten, een buitenkans voor de liefhebber.
Nou, wat betreft de winterstalling: ik heb het stallinggeld met 4% verhoogd (heeft niets met Kitty te maken). Ik ga er weer vanuit dat u de boot zoals gebruikelijk wilt stallen. Ik begin 15 oktober met het binnenzetten van de boten, zorgt u s.v.p. dat de boot dan klaarligt; spullen eruit, sloten eraf en de mast omlaag. Ik maak ze dan van buiten netjes schoon en zorg voor de motor als dat is afgesproken. Als u de bijgevoegde rekening vóór 10 oktober betaalt, dan is uw plaats gereserveerd; als u niet komt stallen dan graag even een telefoontje.
Rik en Kitty.